|
|
|
|
|
8-01-2005
|
ESTHETICA EN FOTOGRAFIE
|
||
|
Dit artikel van Alain Briot is het derde in een serie van negen verhandelingen die zich richten op de esthetische aspecten van fotografie met de bedoeling om de fotograaf te helpen bij het maken van smaakvolle foto's, die de moeite waard zijn om te bekijken. Dit verhaal behandelt De keuze van de lens
|
||
|
DEEL 3 - DE BESTE LENS KIEZEN VOOR DE GEGEVEN OMSTANDIGHEDEN 1-Het belang van de lens |
||
![]() Sunset over Squaw Creek Ruin, Perry Mesa National Monument, Arizona Linhof 4x5 , 75mm lens Fuji Provia 100F |
In het volgende voorbeeld, "Squaw Creek Ruin" een serene en enigszins onbestemde scène heeft spanning gekregen door het gebruik van een 75mm groothoeklens op mijn Linhof 4x5 (het equivalent voor het 35mm systeem is een groothoeklens van ± 28mm). Dit rustige tafereel zonder opvallende elementen deed me enigszins rommelig aan. De keuze van een groothoeklens bracht dynamiek in het schouwspel, dat door een normale lens tamelijk statisch zou zijn geweest. Nu kon ik de omvang van de voorgrond wat overdrijven, zodat ik gebruik kon maken van de omgekeerde Y-vorm van het stenen muurtje om het oog van de toeschouwer het beeld binnen te leiden. Verder had ik voldoende gelegenheid om de berg in het midden te plaatsen en het geheel af te werken met zacht purper gekleurde wolken in de avondlucht. Het uitzonderlijk brede gezichtsveld heeft tot gevolg dat de omvang van de voorwerpen in de voorgrond wordt benadrukt terwijl de omvang van de voorwerpen in de verte wordt verkleind. Het gevoel van perspectief wordt versterkt en helpt mee om een ogenschijnlijk rommelig tafereel op te delen in voorgrond, midden partij en achtergrond. Onderdelen die in werkelijkheid op elkaar gestapeld lijken geven nu de indruk dat ze ver uit elkaar liggen. | |
| 6-Het middel landschap Een normale lens geeft een beeld weer dat overeenkomt met het beeld van het menselijk oog. Dit hangt samen met de brandpuntafstand, die weer afhangt van de afmeting van het filmbeeld van de camera. De normale brandpuntafstand voor elk filmformaat, of voor elke beeldsensor, is gelijk aan de diagonale afstand tussen de twee tegenover elkaar liggende hoeken van het beeldvlak, gemeten in millimeters. Voor het 35mm systeem is de normale lens 50mm, voor een 2¼ systeem is dat 80mm en voor het 4x5 systeem heeft de normale lens een brandpuntafstand van 150mm. Veel fotografen vinden de normale lens saai. Waarom zouden we de wereld laten zien zoals we hem zien? Pas als we een groothoek- of telelens gebruiken wordt het interessant. Tot op zeker hoogt ben ik het daar mee eens. Mijn normale lens is niet de meest gebruikte. Maar ik zeg niet, dat ik hem nooit gebruik. Er is toch niets op tegen om te laten zien wat wij zien? Als we saaie onderwerpen zien moeten we niet verwachten dat we interessante foto's kunnen maken. Het is natuurlijk niet zo dat alleen al het gebruik van een groothoek- of telelens tot interessante foto's leidt. Ware dit wel zo, dan zou de lens zorgen voor de aantrekkelijke foto, maar dan zou het nieuwtje van de truc gauw gaan vervelen. Een vakkundig fotograaf.kan goede foto's maken - interessante beelden - met een verscheidenheid aan lenzen. Evenzo kan een vakkundig fotograaf een goede foto maken met een normale lens. Het kijken, de compositie, het licht en de persoonlijke stijl (zoals we in volgende artikelen zullen zien) staan los van de brandpuntafstand van de lens die we ter beschikking hebben. We hebben niet altijd de complete uitrusting die we zouden willen hebben, we kunnen wel onze visie in de beelden proberen weer te geven. Maar veel belangrijker dan deze discussie is het feit dat we met normale lenzen een zogenaamd middel landschap kunnen creëren. Dit liggen tussen de groothoek en de telelens beelden. Groothoeklenzen zijn het best geschikt om het "grote" landschap te fotograferen. We kunnen er alles in kwijt en we hoeven er niet over na te denken wat we weg zullen laten; de mogelijkheden zijn zo groot dat praktisch alles kan. Ze kunnen landschappen omvatten van net voor onze voeten tot onderwerpen aan de horizon en tot aan de luchten erboven. Z o'n breed gezichtsveld is niet altijd zinvol. Soms heeft een meer ingetogen, minder dynamische benadering de voorkeur. Alles omvattende beelden bagatelliseren vaak de details. Enigszins inzoomen en het gezichtsveld verminderen kan net voldoende zijn om het verband tussen de verschillende onderdelen tot hun recht te laten komen. We richten ons dan wat meer op de onderdelen in plaats van op het geheel. Evenwicht Normale lenzen zijn prima geschikt om evenwicht in het beeld aan te brengen. We beschouwen de beelden als reëel. We twijfelen niet want we zijn vertrouwd met het getoonde gezichtsveld want zo zien we de wereld van dag tot dag. Als je dus het element van overdrijving wilt voorkomen, geen aandacht wil vestigen op de manier waarop het beeld tot stand kwam of welke lens is gebruikt, dan heeft de normale lens de voorkeur. De normale lens geeft een vertrouwd beeld dat overeenkomt met onze manier van kijken. De toeschouwer wordt niet afgeleid en kan de aandacht volledig wijden aan datgene wat op de foto staat. Hoe kleiner het verschil tussen wat wij zien en wat de camera ziet, hoe gemakkelijker wordt het beeld als natuurlijk geaccepteerd. We laten twee foto's zien, die kort na elkaar zijn gemaakt tijdens zonsopgang in Canyon de Chelly, Arizona. Het verschil tussen de groothoeklens en de normale lens is duidelijk. De groothoeklens toont ons de dynamiek en de uitgestrektheid van de canyon temidden van het gigantische landschap. De normale lens toont ons een rustiger beeld van slechts een deel van het tafereel. Ook het aandeel van de lucht is aanzienlijk verminderd. |
||
|
|
![]() Zonsopkomst boven Canyon de Chelly, Arizona Linhof 4x5, 150mm lens Fuji Provia 100F -Middel landschap- |
|
|
Luchten
In het middel landschap kan soms wel en soms geen lucht voorkomen. In "Sunrise over Canyon de Chelly" gebruikte ik een minimum stukje lucht en in "Capitol Gorge Boulders" helemaal niets. Het laatste voorbeeld is een intiem stukje landschap waarin de lucht geen functie heeft. De lucht zou niets aan de foto toevoegen en in feite zou het risico bestaan dat het felle licht het bereik van de film zou overtreffen, waardoor storende uitgevreten plekken zouden ontstaan. Deze foto is een perfect voorbeeld van een middel landschap. Niet te breed en ook niet te eng. De lens liet me enige afstand tot de keien en gaf ze toch weer in een plezierige verhouding tot de omgeving. Met een groothoeklens zou ik dichterbij hebben moeten komen waardoor de keien boven mij zouden zijn uitgekomen. De bovenkant zou dan niet zichtbaar zijn geweest zodat slechts een deel van het tafereel zou zijn getoond. Er kwam zo meer evenwicht in het beeld dat zou zijn verstoord door de dynamiek van de groothoeklens. |
![]() |
|
|
Capitol George Boulders, Capitol
Reef National Park, Utah,
Linhof 4x4, 150mm lens Fuji provia 100F -Middel landschap- |
||
| 7-Het klein landschap Het klein landschap toont per definitie afzonderlijke elementen van het landschap, elementen die we over het hoofd zien als we het gehele landschap bekijken. We zouden ze ook "Intieme Landschappen" kunnen noemen. Groothoek beelden verrassen ons omdat we zovel zien. Telelens beelden verrassen ons omdat we zoveel meer details zien. Met een telelens lijkt het alsof we in een kijkdoos gluren en ons afvragen wat we binnenin te zien krijgen. Luchten Bij het klein landschap zie je zelden luchten. De lucht vormt geen onderdeel van de foto. Het klein landschap is een detail beeld in plaats van een globaal beeld (voor het breed landschap) of een gericht beeld (voor het middel landschap). Als je de lucht uit een foto weglaat dan laat je een van de krachtigste middelen weg waarmee de beschouwer zich een idee over grootte, diepte of hoogte kan vormen. Als je de lucht weglaat uit een foto van de Grand Canyon dan heb je geen idee meer hoe diep de canyon is omdat je de bovenrand mist. Zonder lucht missen we ook de horizon en missen we de mogelijkheid om te zien of de foto recht staat. We hebben dan op zijn minst een ander element nodig waarmee het evenwicht kan worden bepaald. In de foto van de "Paria Riffle, Colorado River, Lees Ferry, Arizona"dient de scheidingslijn tussen water en de rotswand als een kunstmatige horizon. |
||
| Omdat foto's met een telelens genomen ons slechts een detail tonen missen we de samenhang met de omgeving. We kijken naar een deel en niet naar het geheel. We raken los van de werkelijkheid. In de dagelijkse werkelijkheid is de lucht altijd aanwezig en kunnen we geen kleine details op grote afstand onderscheiden. Dit alles, het gemis van de lucht, de details op afstand, geeft een groot gevoel van onwerkelijkheid |
![]() |
|
|
Paria Riffle, Lees Ferry, Arizona
Linhof 4x5, 400mm lens Fuji Provia 100F -Klein landschap- |
||
8-Welke lens? Eén van de meest gestelde vragen van deelnemers aan mijn workshops is "welke lens moet ik nemen?".Een belangrijke vraag als je in aanmerking neemt hoe zwaar lenzen zijn en hoeveel ruimte ze in beslag nemen. Dat telt niet alleen als je ze moet sjouwen, maar ook als je er mee het vliegtuig in gaat of moet inpakken in je auto. Hoe pak ik het aan? Landschapfotografie vergt hoe dan ook een dosis oefening. We weten dat je op zeker moment met het materiaal moeten lopen. Als je meer lenzen mee neemt dan je nodig hebt, wordt het lopen vermoeiend en minder prettig. Ik heb zes lenzen voor mijn 4x5 systeem: 47mm, 75mm, 90mm,150mm,210mm en 300mm. Met dit assortiment kan ik praktisch aan elke behoefte tegemoet komen. Voor het 35mm systeem zou deze collectie lenzen er ongeveer als volgt uit zien: 18mm, 24mm, 35mm, 50mm, 75mm en 135mm. Langere telelenzen voor het 4x5 systeem zijn beperkt verkrijgbaar en niet erg handig. De langste 4x5 lenzen zijn ongeveer 500 tot 600mm en bij die lengte worden zowel stabiliteit als gewicht een probleem. Als ik met een 35mm systeem zou werken dan zou ik één of twee langere lenzen aan het assortiment toevoegen of een 200-400mm zoomlens. Aan mijn 4x5 systeem zou ik eventueel nog een 500mm lens kunnen toevoegen om het telebereik te vergroten. Soms moet ik mij beperken in het materiaal dat ik mee neem. Bijvoorbeeld omdat ik een lange trektocht ga maken of omdat ik ga vliegen. Dan neem ik slechts drie lenzen mee: 75mm, 150mm en 210mm (vergelijkbaar met 24mm, 50mm en 75mm). De 150mm lens past in de camera als deze is gesloten en gaat dus altijd mee. Als ik maar twee lenzen kan mee nemen dan blijft de lange van 210mm thuis. De groothoeklens heb ik beslist altijd nodig. De kwaliteit van de foto's waarmee je thuis komt hangt niet af van het aantal lenzen dat je meesjouwt. Je kunt natuurlijk geen foto met een breed gezichtsveld maken met een telelens. Maar als je een vakkundig fotograaf bent (en deze serie helpt je dat te worden) weet je hoe je goede foto's kunt maken met het materiaal dat je bij je hebt. Nu volgen een drietal oefeningen die je helpen om je vaardigheden te verbeteren. 9-Praktijk oefeningen Een toerist in New York vraagt aan een New Yorker: "Hoe kom ik naar Carnegie Hall?". Het antwoord dat hij krijgt is een van de belangrijkste lessen die een kunstenaar kan krijgen: "Door eindeloos te oefenen". Met de volgende oefeningen kun je je kennis van lenzen ontwikkelen en jezelf vertrouwd maken de met mogelijkheden van iedere lens. Oefening A Gebruik een statief en fotografeer - zonder het statief te verplaatsen - hetzelfde tafereel met alle lenzen die je bezit. Niet alle foto's zullen de moeite waard zijn omdat het onderwerp zich uitsluitend voor één bepaalde lens leent. Toch doen. Film is goedkoop en als je digitaal werkt dan kost het helemaal niets. Vergelijk de foto's en zoek naar nieuwe mogelijkheden voor een compositie. Je komt dan misschien tot de conclusie dat een bepaalde foto het beste is en dat die is gemaakt met een lens waaraan je eerst niet zou hebben gedacht om die te gebruiken in dat specifieke geval. Oefening B Ga naar buiten om een locatie te fotograferen die je erg mooi vind en neem slechts één lens mee. Niet twee, niet drie, slechts één. Het doet er niet toe welke, neem de lens die je het beste kent of de lens die je beter wilt leren kennen. Als je alleen maar zoomlenzen hebt kies dan voor één bepaalde brandpuntafstand en werk daar mee. Plak desnoods de zoom ring met een stukje plakband vast zodat je niet in de verleiding komt om van brandpunt te wisselen. John Sexton gebruikte gedurende een aantal jaren slechts één lens - een 210mm op zijn 4x5 systeem - toen hij begon met fotografie. Toen hij aan zijn tweede lens toe was wist hij exact wat de mogelijkheden van 210mm waren. Oefening C Maak een foto van hetzelfde tafereel met een groothoeklens en met een telelens zonder het statief te verplaatsen. Als je thuis bent snij dan de groothoekfoto bij en vergroot hem zodat hij gelijk is aan de telefoto. Bij het vergelijken van de twee foto's zul je geen verschil in compositie en "compressie" zien. Telelenzen comprimeren het beeld op afstand niet anders dan groothoeklenzen (met uitzondering van fish-eyelenzen). Het perspectief is gelijk; alleen is van de groothoekfoto slechts een deel overgebleven na het bijsnijden. Voorwerpen in de verte lijken gecomprimeerd omdat - hoe verder ze weg zijn - hoe dichter ze bij elkaar lijken te staan. Dit effect is een gevolg van de wetten van perspectief en heeft niets te maken met de lens. Het bijsnijden van een groothoekfoto tot het formaat van een telefoto leidt tot hetzelfde beeld. Theoretisch zouden we alle foto's kunnen maken met een groothoeklens en de foto dan bijsnijden tot het gewenste formaat. Het zou dan lijken alsof we de foto's met allerlei verschillende lenzen hadden gemaakt. In werkelijkheid gaat dit niet op omdat de resolutie van het filmmateriaal of van de beeldsensor hier de mogelijkheden beperkt. |
||
![]() |
Voorbeeld
|
|
|
|
![]() O'Nel Butte, bijgesneden Linhof 4x5, 75mm lens Fuji Provia 100F Foto 3 -Klein Landschap- |
|
| 10-Conclusie Het fotograferen van landschappen is fantastisch; we bevinden ons op een mooie plek en gaan proberen om ons gevoel ten opzichte van het tafereel vast te leggen. Ga naar mooie plekjes, bestudeer ze met het oog van de kunstenaar en probeer over te brengen datgene wat je voelt toen je daar was. Een geweldige uitdaging. Een wat een leuk vooruitzicht om het resultaat van onze inspanning met anderen te delen. Voorhistorische landschappen roepen krachtige, bijna onberedeneerde reacties op. De meer landelijke taferelen zoals in Nederland en Frankrijk leiden meer tot een ingetogen reactie en komen het beste tot hun recht bij een poëtische stemming. Maar hoe doe je dat dan als je alleen maar beschikt over een camera en film, die geen van beide de flexibiliteit hebben van het geschreven woord of de eindeloze variaties van toon, vorm en structuur die bereikt kan worden bij tekenen of schilderen? Een verstandige keuze van de lens is één van de meest belangrijke middelen om je gevoelens tot uitdrukking te brengen. Groothoeklenzen zorgen voor dynamische alles omvattende beelden die zowel verrassen als verlokkelijk zijn. Normale lenzen zorgen voor evenwichtige beelden die natuurlijk aandoen omdat het gezichtsveld ongeveer overeenkomt met wat wij normaal zien. En telelenzen zorgen voor beelden waarop details worden geopenbaard die we met het blote oog niet zo kunnen ontwaren. Om een grote verscheidenheid in je werk aan te brengen is het belangrijk dat je er naar streeft om met de verschillende lenzen prima foto's te maken en die vaardigheid te combineren met de aanwijzingen over compositie die ik in een eerder artikel heb gegeven. Je kunt je vaardigheden ook verbeteren door het deelnemen aan één van mijn workshops overwegen. Kijk op www.beautiful-landscape.com voor nadere informatie. |
||
|
Op de oorspronkelijke tekst en op
de foto's berust het Copyright bij © 2003 Alain Briot.
Dit essay maakt deel uit van een serie exclusieve artikelen van de hand van Alain Briot onder de titel Briot's View www.beautiful-landscape.com e-mailadres: alain@beautiful-landscape.com |
||
|
________________________________________
Alle rechten voorbehouden © Henk Backer 2003 - 2008 |